Haal dat ding eruit

Mijn cliënt leed al maanden onder galstenen. Ze blokkeerden de galafvoer en veroorzaakten verstoppingen en complicaties. Door zijn kwetsbare gezondheid werd een operatie steeds uitgesteld. Het resultaat: hij zat maandenlang opgescheept met een galwegdrain, veel langer dan de gebruikelijke zes weken.

Dag in, dag uit kampte hij met koliekpijnen en lekkages via de katheterslang. Zijn extreme vermoeidheid maakte het voor zijn echtgenote onmogelijk om te slapen. Nachtenlang stond zij naast hem, vermoeid maar alert, klaar om hem te ondersteunen bij elke pijnlijke aanval. Oxycodon bood slechts beperkte verlichting. Het voelde uitzichtloos.

We belden regelmatig met het ziekenhuis over de klachten en het gebrek aan communicatie. Soms mocht hij komen voor een nieuwe drain, maar er was geen plan voor de lange termijn.

Op een dag zag ik dat het echtpaar erdoorheen zat. Hij kromp van de pijn, de drain lekte opnieuw, en hun vermoeidheid was zichtbaar in elke beweging. Ik vroeg om toestemming om zowel de huisarts als het ziekenhuis te benaderen. Hij keek me emotioneel aan: “Bel alsjeblieft.”

Ik belde de huisarts voor een huisbezoek, omdat de situatie onhoudbaar was. Ook belde ik hun zoon en vroeg hem het medisch dossier uit het patiënten portaal te mailen. Ik wilde eindelijk weten waar de communicatie bleef steken. De huisarts kwam langs. Ook zij was gefrustreerd. Ze had al meerdere malen contact opgenomen met het ziekenhuis, maar kreeg geen duidelijk antwoord. Ze besloot een klacht in te dienen. Samen spraken we af dat we de druk zoude opvoeren en contact zou blijven houden.

Het medisch dossier bracht helderheid. Daarin stond dat er nog een katheterisatie van het hart moest plaatsvinden vanwege vernauwingen in de kransslagaders. Ik nam direct contact op met de cardioloog, longarts en MDL-arts en vroeg wat er nu op zich liet wachten. Bij de poli cardiologie legde ik de situatie uit en benadrukte dat iedereen het meer dan zat was.

Een week later vond de katheterisatie plaats; dotteren bleek niet nodig. Toen ik belde voor de vervolgstappen, overlegde de cardioloog direct met de MDL- en longarts. De volgende dag kregen we groen licht voor een operatie om de galblaas te verwijderen.

Op dat moment voelde ik twee emoties tegelijk: blijdschap en woede. Blijdschap, omdat mijn cliënt eindelijk geholpen zou worden en verlost zou zijn van de pijn. Woede, omdat hij maandenlang had geleden, continu pijn had ervaren, en dit grotendeels onnodig was geweest door gebrekkige communicatie tussen specialisten. Als ik zijn dossier niet had ingezien, had ik niet geweten waar ik moest beginnen.

De woede verdween al snel, maar de spanning bleef voelbaar. Het echtpaar werd uitgenodigd voor een voorbereidend gesprek. De specialisten legden uit dat de operatie risico’s met zich meebracht vanwege zijn kwetsbare gezondheid. Door zijn andere gezondheidsproblemen waren sommige organen extra kwetsbaar, waardoor de operatie risicovoller werd. Hij was volledig op de hoogte en gaf aan de drain te willen verwijderen, ongeacht de mogelijke gevolgen.

Op de dag van opname kreeg hij koorts. Zijn alvleesklier bleek ontstoken, de drain kwam los, en hij werd direct behandeld. De operatie om de galblaas te verwijderen volgde spoedig. Het was spannend; we wisten niet of hij dit zou overleven. Gelukkig verliep de operatie succesvol.

Na de operatie traden complicaties op. Men vermoedde dat de darm geperforeerd was door de drain, waardoor de buik werd geopend. Gelukkig bleek dit niet het geval, en werd de buik weer gesloten. Kort daarna kreeg hij een infectie, waardoor de buik aan beide kanten open werd gehouden en antibiotica werd gestart. Thuiszorg kreeg de verantwoordelijkheid om de buikwond te verzorgen.

Deze periode was buitengewoon intens. Mijn leidinggevende complimenteerde mij over het feit dat het eindelijk gelukt was mijn cliënt van immense pijn te bevrijden, maar waarschuwde ook dat ik de verantwoordelijkheid voor complicaties niet op mijn schouders moest nemen. Mijn cliënt probeerde me gerust te stellen: mocht hij komen te overlijden, dan zou hij in ieder geval vrij van pijn zijn. Toch voelde ik een stukje verantwoordelijkheid en emotie mee. Was het rouw of betrokkenheid? Ik kon het niet precies benoemen.

  • Ik zie problemen in de continuïteit van zorg en onderneem actie.
    Ik merkte dat mijn cliënt al maanden pijn had en dat er geen duidelijk plan was. Afspraken werden uitgesteld en de communicatie liep vast. Dat voelde niet goed. Daarom besloot ik het dossier door te nemen en zelf contact op te nemen met de huisarts en specialisten. Zo bracht ik beweging in een vastgelopen situatie.

  • Ik coördineer tussen verschillende zorgverleners en instellingen.
    De huisarts, cardioloog, longarts en MDL-arts werkten langs elkaar heen. Ik heb hen actief benaderd en de situatie toegelicht. Door informatie te bundelen en terug te koppelen, zorgde ik dat iedereen weer naar hetzelfde doel toewerkte.

  • Ik zorg dat het behandelplan van de patiënt wordt uitgevoerd.
    Door mijn inzet vond de katheterisatie plaats en kwam er duidelijkheid over het vervolg. Kort daarna werd de operatie ingepland. Daarmee werd het behandeltraject eindelijk voortgezet.

  • De focus ligt op het organiseren en coördineren van zorg.
    Natuurlijk gebruikte ik mijn kennis en communicatieve vaardigheden. Toch lag de kern van mijn handelen in het creëren van overzicht, het nemen van regie en het bewaken van de voortgang. Ik zorgde dat het proces weer liep en dat mijn cliënt de juiste zorg kreeg.